Parallellen woningmarkt en bedrijfsovernamemarkt
22 oktober 2010 Piet Regnerus
Er zijn veel vergelijkingen tussen de vastgelopen woningmarkt en de markt voor bedrijfsoverdrachten. Maar hoe gaan we hier mee om? Voor de bedrijfsovernamemarkt zijn er wat lichtpuntjes.
Stap terug
De woningmarkt zit muur vast. Dit komt enerzijds door de terughoudendheid van banken en anderzijds door de slechte en onzekere economische omstandigheden. Als derde wil ik hier nog het ‘stap terug’ fenomeen aan toe voegen. Over de eerste twee factoren is al veel gezegd en geschreven. Over dat laatste hoor je (bijna) niemand.
Er was een tijd dat het allemaal niet op kon. Een tophypotheek, tweede auto, dure keukens, televisies, sporten en ga zo maar door. The sky was the limit, niet alleen voor mensen die het konden betalen, ook voor mensen die het niet konden betalen. Deze laatste categorie leende eenvoudig alles wat los en vast zat bij elkaar. Er was niets of niemand die deze groep mensen ook maar enige bescherming tegen zichzelf bood.
Nu, in tijden van een onstuimige economie, blijkt wat een aantal jaren terug allemaal kon niet met de harde economische wetten en realiteit te corresponderen. Dit betekent dat Henk en Ingrid, vroeger Jan Modaal, een stap terug moeten qua uitgavenpatroon. En dit blijkt in de praktijk maar lastig te gaan met al die leningen en kredieten. Daarnaast is bijvoorbeeld het afscheid nemen van de tweede auto een groot gezichtsverlies naar je omgeving.
Het is vandaag de dag de harde realiteit dat niets voor niets is (is m.i. ook nooit anders geweest) en dus ook gratis geld lenen niet. Dit betekent dat de economie en de maatschappij een stap terug moet. Het is natuurlijk ook achterlijk dat in den eeuwigheid de economie en daarmee onze welvaart alleen maar kan groeien. Dit bestaat niet en heeft ook nog nooit bestaan en dus zullen we vroeg of laat een stap terug moeten. En die tijd van een stap terug is nu aangebroken is onder andere te zien aan de (on)verkoopbaarheid van woningen.
Grote prijsdalingen
Een stap terug is ook onontkoombaar voor het bedrijfsleven. Voor bedrijven (en hun aandeelhouders) is het een utopie dat een bedrijf alleen maar kan groeien. Neem als voorbeeld de autosector, het kon er niet op met auto’s die als warme broodjes over de toonbank gingen. ‘Nu halen en volgend jaar pas betalen’ en meer van dit soort kreten lokten de consument uit de tent om toch te besluiten hun aankoop te gaan doen. Echter vergaten veel mensen dat ooit de man met de hamer komt en dat er hoe dan ook betaald moet worden. Het is dan ook van de zotte dat autofabrikanten twee jaar terug om het hardst schreeuwden dat meer dan de helft van hun afzetmarkt was verdwenen door de crisis. Ze vergaten gemakshalve even dat zij het zelf waren die de markt hadden gecreëerd door consumenten auto’s door middel van ‘goedkope’ leningen aan te smeren. Objectief beschouwd was die markt voor zoveel auto’s er helemaal niet. Dit is maar een voorbeeld, het geldt ook voor de woningenmarkt en de daarbij behorende tophypotheken, aandelen, woekerpolissen en ga zo maar door.
Nu, anno 2010 komt pas echt de keiharde werkelijkheid tevoorschijn. De maatschappij moet een stapje terug! Maar voor velen is dit geen optie. Enerzijds omdat het blijkbaar in ons menselijk systeem zit om altijd maar meer te willen, anderzijds omdat velen tot de lippen toe gefinancierd zijn en dus eenvoudig niet een stapje terug kunnen doen. Wanneer er dan ook nog een kink in de inkomensstroom van mensen komt, ontstaat er al snel een groot (financieel) probleem. Je ziet dan alleen om die reden al steeds meer woningen te koop staan. Er is echter een probleem: het stapje terug geldt voor (bijna) iedereen en dus zijn er weinig tot geen kopers op de markt. Ten tweede zijn de huizenprijzen het laatste decennium ongekend gestegen, immers the sky was the limit, alles kon en alles mocht! Conclusie is dat de woningmarkt bij de huidige woningprijs muurvast zit en ook niet los komt. En hier ontstaat zo meteen een sneeuwbal effect wat grote prijsdalingen van woningen tot gevolg zal hebben. Zie hier de vergelijking met de bedrijfsovernamemarkt.
Woningmarkt versus bedrijfsovernamemarkt
Wat voor de woningenmarkt geldt, geldt ook voor de bedrijfsovernamemarkt. Het hiervoor geschetste beeld van de markt en maatschappij gaat ook op voor het bedrijfsleven. Het laatste decennium was the sky the limit en alles kon en alles mocht. Wat dat betreft lopen de woningmarkt en de bedrijfsovernamemarkt redelijk synchroon. Er is veel aanbod en weinig vraag. Nu is er wel enig verschil te ontwaren, de woningenmarkt is namelijk veel en veel meer transparant zodat vraag en aanbod beter op elkaar afgestemd worden. Deze transparantie ontbreekt in de markt voor bedrijfsovername volledig waardoor er veel bedrijven noodgedwongen opgeheven worden zonder te verkopen. Het is dus de geringe vraag en non-transparantie van de markt die veel ondernemers de das omdoen.
Als derde wil ik hier nog afstemming aan toevoegen. Er is bijna geen enkele ondernemer die zich verdiept in de wensen en behoeften van zijn/haar belangrijkste klant: de koper van het bedrijf! Het bedrijf wordt ingericht en bestuurd zoals dat de eigenaar goeddunkt. Er is bijna geen enkele ondernemer die, ver voor dat het aan de orde is, nadenkt over de voorbereiding van de bedrijfsoverdracht. Concreet betekent dit het bedrijf zo inrichten dat het gemakkelijk en snel is over te dragen en dat het niet afhankelijk is van een of meerdere sleutelfiguren. Anderzijds is het belangrijk om alle immateriële activa ‘zichtbaar’ te maken en vast te leggen zodat het goed overdraagbaar wordt. Wanneer ondernemers vorenstaande nalaten, dan is hun bedrijf per definitie niks waard afgezien van de materiële activa. En laat nou net bij het gemiddelde bedrijf 60% van de verkoopprijs uit immateriële activa (vaak goodwill genoemd) bestaan. Wat voor de woningenmarkt geldt, een goed onderhouden unieke woning maakt veel meer en eerder kans om verkocht te worden dan een doorsnee woning met een slechte staat van onderhoud, geldt precies en het zelfde voor bedrijven!
En wat als het niet verkocht wordt?
Woningen die niet via de reguliere weg van eigenaar verwisselen worden vaak geveild, een woning kun je namelijk niet liquideren en zal dus hoe dan ook op enig moment van eigenaar verwisselen. Zo niet bij bedrijven. Een bedrijf wat niet verkocht wordt opgeheven (geliquideerd). Dit betekent in de praktijk dat een bedrijf ontmanteld gaat worden. De aanwezige materiële activa (machines, voorraden, opstallen etc.) worden geveild. De waarde van de immateriële activa (patenten, klantenbestand, contracten etc.) daarentegen gaat volledig verloren. Voor veel ondernemers zit in de immateriële activa de meeste waarde en vaak ook hun pensioen. Naast kapitaal gaat er bij het opheffen zonder te verkopen ook veel kennis, ervaring en werkgelegenheid verloren. Maar ook heeft het opheffen van een bedrijf grote gevolgen voor de omgeving, mensen verhuizen naar gebieden waar (veel) werkgelegenheid is omdat er in het dorp geen vervangend werk is. Als mensen gaan verhuizen komen de voorzieningen in het dorp en de omgeving in gevaar en daarmee samenhangend de leefbaarheid.
Er zijn dus een aantal parallellen te trekken tussen de woningenmarkt en bedrijfsovernamemarkt. Vraag en aanbod liggen mijlen ver uit elkaar en een goede voorbereiding (onderhoud) is uitermate belangrijk zo niet doorslaggevend voor de aantrekkelijkheid. Ook is nog de overeenkomst te trekken met onverkoopbaarheid: een huis kan gesloopt (ontmanteld) worden zoals de Rabobank dat voorstelt, een bedrijf kan bij geen belangstelling worden geliquideerd (ontmanteld). Een ding is zeker, er gaat bij de onverkoopbaarheid van zowel woningen als bedrijven ontzettend veel waarde verloren.
Gedeeltelijke overname
Voor de woningenmarkt met een groot aantal onverkoopbare woningen is sloop wellicht een oplossing. Voor onverkoopbare bedrijven is er nog een tussenoplossing: de gedeeltelijke bedrijfsovername. Dit betekent dat een ondernemer al in de voorbereiding op de bedrijfsoverdracht zijn/haar bedrijf analyseert op de aantrekkelijkheid voor de eventuele koper. Is de koper een van de kinderen, medewerkers, een buitenstaander, een ander bedrijf of een investeerder? Elk van de voornoemde kopers heeft compleet andere wensen en behoeften voor wat betreft de inrichting en activiteiten van het bedrijf. Zo maakt het voor een overnemende zoon of dochter weinig uit hoe breed het product/dienstenpakket van het bedrijf is. Voor een ander bedrijf (strategische koper) maakt het wel degelijk uit, deze is meestal op zoek naar complementerende activiteiten. De aantrekkelijkheid van een bedrijf, net als bij woningen, bepaald de verkoopbaarheid en waarde van het bedrijf.
Het is dan ook zinvol voor ondernemers hun bedrijf zo in te richten dat het en aantrekkelijk is voor de potentiële koper, goed en snel overdraagbaar is en niet afhankelijk van een of meerdere sleutelfiguren. Dit is de enige manier om in een markt waar vraag en aanbod ver uit elkaar liggen kans te maken op een succesvolle (gedeeltelijke) bedrijfsoverdracht.
Als er dan echt geen koper voor het gehele bedrijf te vinden is, dan kan het bedrijf opgesplitst verkocht worden. Je ziet dit in het grootbedrijf aan de lopende band gebeuren, maar het mkb heeft deze mogelijkheid nog niet tussen de oren. De gedeeltelijke bedrijfsovername biedt dus grote mogelijkheden voor het mkb om de bedrijfsovernamemarkt los te trekken en meer mogelijkheden te creëren om kapitaal, kennis, ervaring en werkgelegenheid te behouden.
Er zijn dus een aantal overeenkomsten tussen de woningenmarkt en de bedrijfsovernamemarkt. De bedrijfsovernamemarkt laat echter nog een aantal kansen liggen die onnodige waardevernietiging kunnen voorkomen en een volledig nieuwe dynamiek kunnen genereren!
Alleen een proactieve, gedegen en tijdige voorbereiding van de bedrijfsoverdracht en een aantrekkelijk en goed ‘onderhouden’ bedrijf maakt kans op een succesvolle bedrijfsoverdracht.

Parallellen woningmarkt en bedrijfsovernamemarkt

